Traject24 en kringen

Onze kringen zijn kleine groepen (ongeveer acht) mensen die elkaar ongeveer eens per twee weken ontmoeten bij iemand thuis. De kringen zijn belangrijk om bij elkaars leven betrokken te kunnen zijn en samen te zoeken naar wat het kennen en volgen van Jezus betekent in je persoonlijk leven.

24 in de naam Traject24 wil uitdragen dat we 24 uur per dag, 7 dagen in de week, christen zijn en niet alleen op zondag. We geloven dat Christus betrokken is bij alle aspecten van ons leven en we dagelijks kunnen wandelen met Hem en mogen ontwikkelen. Dat is niet altijd gemakkelijk en we ervaren het als een zoektocht waarbij we elkaar nodig hebben. We vinden het belangrijk meer met elkaar op te trekken dan dat rond een zondagse bijeenkomst haalbaar is.

Elementen die een rol spelen bij de inhoud van de kringen zijn:
– verdiepende bijbelstudie
– bespreken van geloofsvragen
– delen in elkaars leven en elkaar bemoedigen
– onderlinge zorg
– bidden met en voor elkaar
– openheid voor nieuwe leden

Als lid van Traject24 word je ook lid van een kring. Dat maakt dat een lid altijd is verbonden met een kringleider, ook als het in een bepaalde fase niet lukt om aanwezig te zijn bij een kring. Zo zien we naar elkaar om.

Op allerlei dagen in de week worden algemene kringen georganiseerd. Ook zijn er soms speciale thema-kringen. Neem voor meer informatie contact op met de teamcoördinator kringen via info@traject24.nl.

 

Welkom in Gods huis (=thema 2021-2022)

Toen we als gemeente baden of God ons duidelijk wilde maken waarvoor Hij onze aandacht vraagt, kwam met name één beeld krachtig naar voren: dat van Psalm 84:1-4, de gemeente als plaats waar God woont. Onze gemeente mag een plek zijn waar kinderen en volwassenen zich thuis voelen bij God en bij elkaar, een ‘plaats’ waar het goed toeven is. Dat lijkt een vanzelfsprekendheid, maar is soms best een uitdaging. Het vraagt een actieve houding die daarop uit is.
Wat hieronder staat is een samenvatting van beelden en associaties die na het gebed verder werden genoemd (niet een exegese van Psalm 84). Het bleek dat de meeste daarvan op de één of andere manier te verbinden zijn aan Psalm 84.
De gemeente is in de eerste plaats de woning van God. Dat betekent dat we Hem de ruimte willen geven. Het gaat erom dat we ons aan Hem toewijden en luisteren naar wat Hij ons te zeggen heeft. Daarachter, zo bleek tijdens de gebedsbijeenkomst, zit het verlangen van God zelf. Hij verlangt naar meer intimiteit met Zijn kinderen.
Vervolgens mag de gemeente een plaats zijn waar wij verfrist en gevoed worden. Genoemde beelden die daarbij aansluiten, zijn die van de dorstige en hongerige ziel (Psalm 107:9), leven uit de Bron (Joh. 7:37) en de vrucht die vanzelf groeit door verbondenheid met Christus (Joh. 15:4b).
Welkom zijn in Gods huis, betekent tenslotte dat we welkom zijn bij elkáár. Dat vraagt om actieve toewijding aan elkaar en een liefdevolle houding naar elkaar toe. ‘Ben ik mijn broeders hoeder?’ Ja, dat ben je. In onze verscheidenheid en veelkleurigheid moeten we de eenheid blijven zoeken. Zoals iemand zei: ‘Dat is lastig, maar ook prachtig!’ Welkom in Gods huis!

Bijbelrooster voor de kringen
• Onderstaande is bedoeld als een service voor kringen die er behoefte aan hebben. Er wordt niet vanuit gegaan dat alle kringen het per se volgen. Als een kring liever iets anders doet, is dat helemaal goed.
• Bij elk bijbelgedeelte wordt een ‘leessleutel’ gegeven die als het ware dwingt om het bijbelgedeelte zorgvuldig, actief en persoonlijk te lezen. Het zijn dus vragen over het bijbelgedeelte. Vragen naar aanleiding van het bijbelgedeelte (over het thema) worden overgelaten aan de kringen zelf.

A. Gods grootheid
1. De (enige) levende God loven – week 37-38
● Psalm 84:1-13
● Wie wonen in Gods huis, mogen Hem gedurig loven (vers 5). Welke redenen vind je in deze psalm om God te loven? Noem er twee.

2. Het Vaderhart van God – week 39-40
● Psalm 103:1-14
● Zo liefdevol als een vader is voor zijn kinderen, zo liefdevol is de Heer voor wie Hem vrezen (vers 13). ‘Vrezen’ betekent hier niet ‘bang zijn’, maar ‘ontzag hebben’, zoals een kind dat van zijn vader houdt, ontzag voor hem heeft. Dat heeft ook te maken met Hem (beter) leren kennen. In deze psalm worden verschillende eigenschappen en daden van God genoemd. Waarin zou jij Hem vooral beter willen leren kennen?

3. De autoriteit van God – week 41-42
● 1 Korinthe 12:4-11
● God geeft door Zijn Geest gaven aan de gemeente waarmee wij met Zijn autoriteit (= namens Hem) aan de slag mogen gaan. Als je deze verzen leest, wat is bij jou dan dominant? Kies bijvoorbeeld uit: vreugde / verlangen / teleurstelling / verwarring / dankbaarheid / onzekerheid.

4. Beelddrager zijn van God – week 43-44
● Psalm 8 (zie ook Genesis 1:26-28)
● Op een bepaalde manier lijken wij op God (Gen. 1:26). We zijn als het ware Zijn ambassadeurs. Als je leest wat daarover in dit gedeelte wordt gezegd, vind je dat dan vooral eervol en uitdagend, of vooral (in)spannend en moeilijk? Waarschijnlijk herken je allebei, maar welke kant weegt het zwaarst?

B. Ons verlangen naar God
1. Het smachten van mijn ziel – week 45-46
● Johannes 4:1-26
● De Samaritaanse vrouw smacht, zonder dat ze het zelf beseft, naar het levend water dat Jezus wil geven (vers 13-14). Stel dat jij toehoorder was geweest van het gesprek dat Jezus met haar voert, over welke uitspraak van Jezus zou je dan het liefst met Hem willen doorpraten?

2. Met mijn hart en mijn lijf – week 47-48
● Deuteronomium 6:4-13
● In het dienen van de HEER, doet alles mee: hart, ziel en krachten (vers 4). In deze verzen liggen daarover verschillende dingen besloten, bijvoorbeeld: 1. het gaat om liefde tot God (dus niet maar plichtgevoel), 2. het is persoonlijk (‘uw krachten’), 3. het is actief, 4. het is alledaags, 5. je moet jezelf eraan herinneren. Hoe spelen deze elementen een rol in jouw leven? Formuleer over één daarvan een vraag of een stelling.

3. Bij God zijn met je gebrokenheid – week 1-2
● 2 Samuël 9:1-13
● Bij God zijn inclusief je gebrokenheid, zal in bepaalde opzichten lijken op hoe de gehandicapte Mefiboset mocht wonen aan het hof van David. Waarin zie jij een overeenkomst?

4. Bij God komen in gebed – week 3-4
● Lukas 11:5-12
● Jezus gaat er in dit gedeelte vanuit dat het ons soms ontbreekt aan vrijmoedigheid om te bidden. Herken je dat? En hoe helpt dit bijbelgedeelte je dan om toch vrijmoedig je verlangens aan God voor te leggen?

C. Verbinden met de ander
1. Diversiteit binnen de gemeenschap – week 5-6
● 1 Korinthe 12:21-27
● De verzen 12-20 van dit hoofdstuk zijn vooral gericht tot mensen die geneigd zijn zich mínder te voelen dan andere gemeenteleden. De verzen daarna, die we nu dus lezen, verleggen de focus naar mensen die geneigd zijn zich méér te voelen dan anderen. Welke les zou jij naar aanleiding van deze verzen vooral aan deze mensen (jijzelf?) willen voorhouden?

2. Hoe we met elkaar omgaan als gemeenteleden – week 7-8
● 1 Korinthe 13:4-7
● Deze verzen geven een omschrijving van hoe een liefdevolle omgang met elkaar in de gemeente eruit zou moeten zien. Kies twee elementen waarin jij voor jezelf de grootste uitdaging ziet.

3. Hoe we openstaan voor wie een veilige plek zoekt – week 9-10
● Deuteronomium 10:12-19
● Ook ‘vreemdelingen’ zijn welkom in het huis van God. Welk vers uit dit gedeelte inspireert jou het meest om hen welkom te heten?

4. Verbondenheid tussen de generaties – week 11-12
● Joël 3:1-5 (HSV 2:28-32)
● God belooft zijn Geest aan alle generaties. Wat kan/wil jij leren van een generatie onder jou en (eventueel) van een generatie boven jou? Wijst het bijbelgedeelte je wat dat betreft een bepaalde richting?